Nieuws

In gesprek met Niels Arntz – co-founder van Temper

15-04-2022

In het kader van het 20-jarig bestaan van Public Matters is een Lustrumboek samengesteld met verschillende interviews met professionals, ondernemers en experts uit de public affairs sector. In de interviews geven zij hun visie op het vak en worden verschillende trends in het public affairs landschap besproken. Het Lustrumboek wordt binnenkort officieel gepresenteerd, maar de komende tijd delen we alvast verschillende interviews via onze website.

Niels Arntz is co-founder van Temper, een online platform voor zelfstandigen die klussen zoeken om bij te verdienen in de horeca, detailhandel, logistiek en charity. Het online platform doorbreekt grenzen op de arbeidsmarkt, maar wel op z’n Hollands. In plaats van het Sillicon Valley-credo move fast and break things, zoekt hij naar toegevoegde waarde in en met de polder.

Waarom roept Temper maatschappelijke en politieke discussie op?

Temper is een platform voor zelfstandigen die op zoek zijn naar vaste klussen zoals in de horeca, detailhandel, logistiek en sinds kort ook in de zorg. De eerste versie is live gegaan op de eerste dag van 2016. Het bleek een schot in de roos te zijn. Steeds meer mensen willen op deze manier werken, waar zij het initiatief hebben. Ik heb vroeger ook in de horeca gewerkt. Als ik een keer vrij wilde, kon dat eigenlijk nooit. Met Temper draaien we het om en leggen we het initiatief bij de werkende. Die bepaalt of die wil werken. Dat was de wereld op zijn kop. Het hete hangijzer hier is dat we werken met zelfstandigen.

In het begin zit je best wel in je bubbel. Lekker groeien, elke maand werd er 10 tot 15 procent meer uren gewerkt via het platform. Ik ben pas voor het eerst hardhandig uit die bubbel gedonderd tijdens een debatavond. Ik kwam in een zaal met 200 arbeidsrechtadvocaten, fiscaal adviseurs en uitzenders, in zo’n arena opstelling. In m’n naïviteit praatte ik over het prille succes van Temper en de honderd nieuwe gebruikers per dag. Toen ik vertelde hoe lekker het ging bij ons, werd ik nog net niet met de grond gelijk gemaakt. Ik wist op een gegeven moment niet meer wat ik moest zeggen. Dit was eind 2017. Toen besefte ik: er is veel tegengeluid. Daar was ik me niet van bewust. Dat geeft meteen de naïviteit aan, die ook wel ergens goed voor geweest is, want anders waren we het misschien nooit begonnen. Dat moment is wel een ezelsoortje geweest in mijn Temper-carrière, waar ik nu met een glimlach op terugkijk.

Wat is uw ervaring met politici en beleidsmakers bij het opzetten van een nieuw bedrijf?

Het is best wel divers. Het is een onwijze reis om zo’n bedrijf op te zetten met alles wat erbij komt kijken. Vanaf begin af aan willen we het anders doen dan de platforms die uit Sillicon Valley zijn overgekomen. Ik wil niet de partij zijn die het land eerst in de fik zet en dan misschien helpt met blussen. Wij zijn een Nederlands bedrijf, dus daarmee zijn we best wel likeable als platform. Dat heeft ook alles te maken met dat we van begin af aan hebben gezegd: we willen dit op de juiste manier doen en onderdeel zijn van de oplossing.

We zijn proactief naar vakbonden en daar is een samenwerking met de vakbonden uitgekomen en we zijn ook zelf naar de Belastingdienst gestapt, we zijn de dialoog aangegaan met Tweede Kamerleden en met het ministerie van Sociale Zaken en van Financiën.

Ons uitgangspunt is dat als wij een duurzaam onderdeel willen zijn van de arbeidsmarkt in Nederland, dan moeten we ook iets terug willen geven. Dan moeten we er ook voor zorgen dat de behoefte vervuld raakt van Nederland als geheel. Als dat je uitgangspunt is, creëer je waarde. Want het is óf waarde creëren, óf waarde eruit halen. Heel veel mensen en bedrijven zijn – vaak onbewust – bezig met waarde ergens uithalen. Maar als je bezig bent met waarde toevoegen, is de kans van slagen veel groter. Onze stakeholders voelen daardoor dat de intentie goed is – ook als ze er anders naar kijken – en dat wij op zoek zijn naar de win-winsituatie. Dat helpt heel erg. Zo ontstaat ook een vertrouwensband die belangrijk is om invloed te kunnen hebben. De vertrouwensband moet je creëren door je kwetsbaar op te stellen. Dat doe je door transparant te zijn en inzicht te geven. Zo hebben we inzage gegeven in onze data over 2020. Daar kunnen politici en ambtenaren weer mee vooruit.

Uw bedrijf komt uit een lastige periode. Kunt u dat beschrijven?

We zijn met z’n drieën begonnen en de weg naar het ideale team is redelijk onstuimig geweest. Het bedrijf verandert razendsnel, de mensen en het team en de benodigde vaardigheden ook. Het was een struggle. Daarnaast hadden we intern een verschillende visie op de definitie van succes. Wordt dit de nieuwe manier van werken of supplementair aan hoe het nu gaat? Dat is best wel een wezenlijk verschil. In de eerste jaren kreeg dat niet zoveel aandacht, maar naar mate we verder kwamen, werd dat wel belangrijker. Vervolgens kwam de coronacrisis en die was voor ons mindblowing. Je zit jarenlang constant in de groei. We hadden honderdvijftig medewerkers. Toen kwam corona, we hadden wat uitdagingen in het team en we moesten de helft van de mensen ontslaan, want 95% van de omzet was weg. Van de ene op de andere dag. We hadden geen wayout. Vervolgens zijn we aangeklaagd door de vakbond. Dat verklaart wel waarom we stilzaten, we werden immers geschoren. We kregen ook bezoek van de Inspectie SZW.Veel externe ontwikkelingen die ervoor zorgden dat we een pas op de plaats moesten maken. Even vertragen en onszelf de vraag stellen: hoe creëren we weer waarde?

Veel ontwikkelingen van buitenaf die ervoor zorgden dat we even stil moesten zitten en wachten tot het overgewaaid was. We moesten nadenken: wat gaan we doen, hoe creëren we weer waarde? Het was soms onwerkelijk om mee te maken, maar je omarmt dat ook wel weer snel. Nu de business weer goed gaat, is het makkelijker om daar berusting in te vinden. Jullie hebben me ook op het hart gedrukt: word niet cynisch. Dat is wat er heel vaak gebeurd in deze wereld.

Hoe verhoudt jullie cultuur zich met de cultuur in de polder, bij stakeholders?

Dat is een insane verschil. Temper is een digitale ruimte. Bij Temper kun je op vakantie wanneer je wil. Het maakt mij niet uit of je je kinderen naar school brengt of midden op de dag naar de sportschool gaat. Doe je ding. Dat zijn mijn persoonlijke waarden: vrijheid, flexibiliteit, autonomie. En dat zie ik terug in de cultuur van Temper en ook in de cultuur van mensen die via Temper werken.

Ons motto was: wat kunnen we vandaag doen om morgen het verschil te maken. Dat verandert over tijd. Toen we naar de 100 medewerkers gingen, was het best wel lastig om op die manier te werken. Want hoe meer je groeit, hoe meer processen je creëert, waardoor dingen langzamer gaan. Maar Tweede Kamerleden hebben ook wel een hoog tempo. Ik vraag me af hoeveel ze gedaan kunnen krijgen met al die verplichte vergaderingen en als je ziet hoe erg ze geleefd worden. Wat is je werk, aan ’t einde van de dag: dingen voor elkaar krijgen of vergaderen hoe je dingen voor elkaar krijgt?

Maar goed, zo werkt het nu eenmaal. Weer een rapport, weer een vergadering. Steeds is dan de vraag: welke kant valt het op, en hoe wordt de bedrijfsvoering van Temper geraakt? Maar voornamelijk: hoe worden alle tienduizenden gebruikers die via platforms werken erdoor geraakt? Maar ook al gaan de politieke processen langzaam: je hebt nog steeds invloed en het gaat nog steeds de goede kant op. Dat werkt voor mij goed. Ik merk daarbij dat politici heel erg pragmatisch zijn en begrijpen dat mensen die via ons platform werken dat erbij doen. Het zijn bijverdieners in een hele specifieke fase van hun leven en ze maken een bewuste keuze.

Politici kunnen goed uitzoomen. Beleidsmedewerkers en ambtenaren kunnen heel goed inzoomen. Soms vergroot dat een issue. Neem bijvoorbeeld het begrip platformwerk. Dat was in 2020 6.9% van de totale arbeidsmarkt. En dan komt er een controversieel rapport uit van de grootbanken waarin staat dat het zal groeien naar 80% van de totale arbeidsmarkt. Als e als ambtenaar dat er dan uittrekt en representatief maakt voor de hele sector, dan krijg je een vertekend beeld. Dan zou ik ook als ambtenaar allerlei alarmerende voorstellen schrijven om dat aan banden te leggen.

Het is makkelijker om een relatie op te bouwen als je niets van iemand nodig hebt. Gewoon kennismaken zonder iets nodig te hebben. Dat zijn de vaardigheden die heel belangrijk zijn. Daar heb je nieuwsgierigheid voor nodig. Je moet de vraag stellen: hoe kan ik bijdragen aan jouw succes? Dan zitten mensen mij aan te kijken: zegt hij dit nou echt? Maar uiteindelijk werkt dit wel goed. Ik weet dat die mensen en Temper er beter van worden.

Wat is uw ervaring met beeldvorming in de media en invloed op de politiek?

Platforms zijn hot and happening. Iedereen heeft er een mening over. Journalisten schrijven er graag over. Er is altijd wel iets bijzonders om uit te lichten: een samenwerking met de vakbond bijvoorbeeld of een modelovereenkomst die is goedgekeurd door de Belastingdienst. Er is altijd wel een tegenpartij die een vlammend betoog schrijft waarom platforms slecht zijn. En dan komen er Kamervragen. Dat hebben we nu drie keer gehad. Dat is een mooie dynamiek en illustreert dat politici weinig tijd hebben en worden ingefluisterd door stakeholders, soms via de media. Ik vind het vervolgens af en toe wel een circus, hoe de beantwoording procesmatig verloopt. Uiteindelijk houd je het cirkeltje in stand. Iedereen is druk, misschien moeten we daarom iets pragmatischer met onze tijd omgaan.

Het beïnvloedt wel dingen die ik wil bereiken: de modelovereenkomst van de Belastingdienst heeft vertraging opgelopen door Kamervragen. Misschien is dat wel het doel van degene die die vragen hebben ingefluisterd, ik weet het niet. Wij lichten politici en ambtenaren in ieder geval proactief in of er een mogelijk negatief of positief stuk in de krant staat. Daar krijg ik lang niet altijd reactie op, maar dan hoor je later dat ze het toch wel fijn vonden dat ze het weten. Zo bouw je ook weer aan die vertrouwensband.

Wat kan de politiek leren van een bedrijf als Temper?

Wij geven inzicht in de nieuwe generatie van werkenden. Daar hebben ministeries ook behoeften aan, aan die kennis. Dat bieden we graag. We zijn heel erg user focused. We bouwen pas iets als de gebruiker daar heel erg behoefte aan heeft. De politiek zou ook user focused moeten zijn. Het zijn volksvertegenwoordigers. De vraag is wat een rondje Kamervragen daaraan bijdraagt. Dat is een perspectief wat wij ze bieden. Het is leuk om tijdens werkbezoeken politici tegenover Temperwerkers te zetten. Dan krijg je echt inzicht in wat iemand drijft. Dan zien en horen ze het met eigen ogen en oren. Prioriteren en user focused zijn, zijn lessen die ik politici zou willen meegeven.

"Politici zouden meer user focused moeten zijn"

Jonathan Provoost

Consultant

+31 (0)70 304 6499

Public matters

Interesse in onze dienstverlening? Neem contact met ons op.